Een nieuw geluid
Gepubliceerd op: 3/9/2010 3:58:02 PM
We lopen samen over het zonovergoten Rembrandtplein. De eerste zon van 2010 zonder bittere kou. Op het terras zitten de eerste dapperen al. Waarschijnlijk rokers. Zodra het dertien graden is, ontploft het land, voorspelt de man naast me.
Hij bekent mij ooit uitgenodigd te hebben voor zijn tv-show. Althans, dat dacht hij. Die vrouw met die domineeskant en dat a-typische uiterlijk, die wou hij wel ondervragen.
Zijn redactie associeerde de verkeerde richting uit, dus onverwachts stond die andere ‘reli-babe’ voor z’n neus.
Hij lacht verlegen om het woord.
Maar nu is het mijn beurt: ik mag hem ondervragen en er al schrijvend weer lekker het mijne van maken.
Hij is rijk, vindingrijk en invloedrijk. Hij is de kersverse baas van de televisiezender die steeds diepere en langere gesprekken wil uitzenden. Live. Yeah!
Ik voel een kriebel. Het kan de lente zijn. Toch wantrouw ik die kriebel. Het is namelijk ambitie die op m’n taas tikt. En ambitie associeer ik altijd met verongelijktheid. Heel gek. Is dat een vrouwenkwaal?
De mensen die mij influisteren dat ik onderschat word, snoer ik altijd haastig de mond.
Ik wil tegen elke prijs ver-gelijkt zijn. Dat is het letterlijke tegendeel van verongelijkt, alleen is het woord nog niet uitgevonden.
Toch irriteert het me heimelijk meer dan me lief is, dat als er over goede interviewers wordt gesproken, het altijd over mannen gaat.
Hij heeft de pers al fluisterend aangezegd dat er getalenteerden worden aangetrokken. Ja, hij is het type manager dat stimuleert en platform geeft.
Ik kan het niet laten en hoor mezelf een nieuw geluid produceren: ‘ Waarom heb je mij nog niet gebeld?’
‘Hoho!’, zegt hij haastig. ‘We zijn nog niet eens begonnen, ja!’
Ik zou natuurlijk wel gek zijn om mijn geliefde Vermoeden op te willen geven.
Maar dat nieuwe, zelfgeproduceerde geluid bevalt me wel.
Ik ben tenslotte net zo brutaal als m’n mannelijke tvcollegaatjs. Ook zo’n eerste viooltje uit de koude grond. Alleen ga ik dat komende lente eens wat minder meesteresselijk verbergen. Zouden meer mensen moeten doen.
Dan zal de lente open barsten.
Bij de buren
Gepubliceerd op: 3/5/2010 12:35:15 PM
Het is er donker.
Aan de buitenkant was niet te zien hoe groot het hier is. Het lijkt wel een spelonk. Een troosthol. De tranen schieten meteen omhoog, maar die zaten vandaag toch al lekker losjes. Oud verdriet. Liefdesverdriet. Men kan het niet, nooit helpen.
Hier zijn alleen staanplaatsen. Om je wakker te houden. De vrouwen dragen hoofddoeken. Onwillekeurig bedek ik mijn hoofd met m’n sjaal.
De mannen hebben zwarte gewaden aan. Ze zijn zo toegewijd in de weer.
Het koor zingt hemels. Ik ben in de Oosters-orthodoxe kerk bij mij om de hoek.
Zoals echt alles om de hoek is. Steeds meer eigenlijk.
Hier gedenken ze de lijdenstijd. Ze lijden mee met Jezus. Ze knielen deemoedig en zuiveren hun geest, hun spraak en hun lichaam.
Dat doe ik ook altijd op boeddha-les. Die frappante overeenkomsten. Niet te geloven. Maar hier in het donker is het net alsof we in Gethsemane zijn. Alsof wij als zijn leerlingen wel wakker blijven, omdat we weten dat Jezus tijdens zijn sterven de hel zal bezoeken om alle verdoemden in zijn armen te nemen.
Een van de mannen wenkt ons.
Ik ben met mijn lieve collega.
We gaan een achtergrotje van de spelonk in. Hij doet geen licht aan.
In het donker begint hij te vertellen. Het is een jonge man.
Overdag is hij politieagent, maar nu draagt hij zijn zwarte gewaad.
Hij is diaken.
Ik ben blij dat hij het woord richt tot mijn lieve collega en dat de duisternis mijn ongetwijfeld zichtbare verbijstering omhult. Een stoere politieagent in een jurk die hartstochtelijk vertelt over zijn liefde voor de oosterse orthodoxie. Wat zou hij het niet geweldig vinden als we ook met Pasen komen, want dan trekken de mannen allemaal tegelijk hun zwarte gewaad uit en komt hun witte kleed, het licht plotsklaps tevoorschijn. Dat is zo ontroerend mooi.
Tederheid zit toch in zulke ongekende hoeken. Maar het zit wel overal. Vanmiddag nog hoorde ik de gesproken liefdesverklaring van Michael Jackson aan de aarde. Heb ik ook te lang over het hoofd gezien. Maar het is bijna nooit te laat.
Ik staar met open mond naar de zwartgerokte agent. Hij wordt onze Paasgast in het Vermoeden. Ik vertel hem maar niet dat omwille van de paus, zijn Vermoeden ultravroeg wordt uitgezonden. Umsonst bijkans. De opstanding is nog nooit zo bijtijds geweest.
Hij vraagt vriendelijk of wij meisjes nog iets willen weten. Zo niet, dan wendt hij zich graag tot het koor. Hij hoort op grote afstand namelijk al dat er een bas ontbreekt.
We laten hem sprakeloos gaan en horen dan onder dat hemelse koor een diepe steunende stem.
Van hem.
Mijn kopvod
Gepubliceerd op: 3/3/2010 12:01:06 AM
In de mailbox pliept een door Gerda Havertong doorgestuurde oproep:
“”Laat zien waar je staat.
Een politiek statement.
Heb je ook zo’n behoefte om als gewoon burger te laten zien en horen wat je
vindt van de huidige politieke discussie rond het thema van integratie,
identiteit en het uitsluiten van hele bevolkingsgroepen?
Maak een statement, draag een hoofddoek
Op:
3 maart, gemeenteraadsverkiezingen
12 maart, internationale vrouwendag
9 juni, landelijke verkiezingen
Stel je voor:
Heel veel vrouwen (en mannen) met verschillende achtergrond en politieke kleur
dragen een hoofddoek met hun kleuren en op hun eigen manier.
Wat een prachtig statement. Schep verwarring!
Geef deze oproep door.
Zorg dat je op allerlei plekken zichtbaar bent met je hoofddoek.
Laat je ermee fotograferen en zorg ervoor dat de foto’s op verschillende media
zichtbaar zijn.
Wat ook mag:
Speld een roze driehoek op je hoofddoek!””

Wat een leuk idee, Gerda. Daar staat vandaag m’n hoofd wel naar!
Lunchen met….Peter R.
Gepubliceerd op: 3/2/2010 12:01:34 AM
‘Liever staand sterven dan op je knieën leven’
Tweede van een reeks ontmoetingen met omroeptijgers en -tijgerinnen
voor
BROADCASTMAGAZINE
Medianieuws van het vakblad voor radio, televisie en multimedia
maart 2010
Biecht
Gepubliceerd op: 2/28/2010 11:24:22 PM
De lange uitzending op RTL5 over Joran van der Sloot is net afgelopen. Al een tijdje wist ik dat die er aan kwam. Dat bekende de baas van die zender me onlangs tijdens een interview voor Broadcastmagazine. Alleen mocht ik op het laatste moment ineens niet voortijdig uit de school klappen.
Het was een spannende uitzending. Zo’n jonge Joran, nu eindelijk eens huilend, met weer een bekentenis. Z’n vader is een paar dagen geleden veel te jong overleden. En vanuit allerlei aardse uithoeken proberen deskundigen in te schatten of deze televisiebiecht van Joran dit keer wel klopt.
Ja, boeiende tv om allerlei redenen. Wat bezielt zo’n jongen? Die vraag houdt vast veel mensen bezig.
Kan ik mededogen voor hem opbrengen? Die kwestie heb ik aan m’n broek hangen na een intensieve dag boeddhistisch robbertje mindvechten.
Maar wat de uitzending helemaal opwindend maakt, is dat hij gecreeerd is door mijn jongste broertje.
Ik heb zo’n bepaald jongste broertje.
Een van de vier. Drie oudere broers. Toen kwam ik. Toen vier jaar niks en ineens was hij er. Als de dag van gister herinner ik me zijn komst. Er is nog een foto waarop ik deze wolk van een trofee als een trots prinsesje dat er niks voor had hoeven doen in m’n armen nam.
Als kneedbare pop heb ik dat broertje jarenlang aan mijn vriendinnetjes opgevoerd en hij liet het zich al die tijd welgevallen. Om de haverklap verkleedde ik hem, propte hem onder de zoldertrap in m’n lievelingshoekje en fietste Amersfoorste ‘ronden’ met ‘m. Toen hij vier was en ik acht maakte ik hem onder de douche wijs dat wat hij tussen z’n mollige varkenspootjes had, er net als bij mij nog van zou worden afgehaald.
Mea maxima, maxima culpa…
Hoe komt een kind erop?? We spreken nu over de jaren 70, toen er bepaald nog geen commerciele televisie was, waar mijn broertje zich als maker inmiddels al zo vaak schuldig aan heeft gemaakt.
Zijn wraak op zijn zus is oorverdovend gebleken. Al jong speelde hij autodidactisch piano en gitaar, terwijl ik alsmaar dure muzieklessen kreeg,
En nu blijkt hij een tv-journalist met zeer lange adem. Pffff, zou je zo’n jongen niet…
Over een half uurtje viert de wereld de verjaardag van Frederic Chopin. Op 1 maart 1810 incarneerde deze trooster van velen.
Toen dat incarneren mijn kleine broertje overkwam was ik ook al zo door het dolle heen, maar dat hebben we na de jaren des onderscheids meesterlijk weten te verbergen. Wat mij troost is dat ik in ieder geval zeker weet dat dat kleine broertje niet stiekem Chopin spelen kan. Hoewel? Familie…wat weet je ervan? Ooit, toen ik als puber ’s avonds laat de achterdeur binnensloop, dacht ik dat de radio aanstond. Maar het was m’n broertje.
Staand in de duisternis. Achter de piano. Vierstemmigheid. Zo luidde zijn wraak op z’n zus.
Ik vrees het ergste dit Chopin- en Joranjaar.